Op een zekere dag was het hemelse hof van Indra Dev bijeengekomen. In de vergadering, die daar werd gehouden, kwamen ook enkele aardse zaken ter discussie. Indra Dev vroeg zich namelijk af of er ook waarheidsgetrouwe mensen op Aarde zijn. Rishi Vasishta stond op en zei: “Ja, er zijn waarheidsgetrouwe mensen op Aarde.” Indra Dev dacht na en vroeg: “Wie dan?” Rishi Vasishta noemde toen de naam van koning Harischandra.

Deze woorden brachten Rishi Vishvamitra tot razernij: “Hij die zijn woord niet kon houden jegens Varun Devta – hoe kan iemand hem een waarheidsgetrouwe man noemen? Weet je niet dat hij een slachtoffer was van waterzucht te danken aan de vloek van Varun Devta?”
“Alles wat gebeurd is in zijn eerdere leven interesseert mij niet. Ik durf te beweren dat hij nu een waarheidsgetrouwe man is geworden. Hij spreekt geen enkele leugen.”, gaf Rishi Vasistha als antwoord. Rishi Vishvamitra echter ging verder en vroeg: “Stel dat iemand hem betrapt op liegen? Wat dan?”

Rishi Vasishta, die volledig vertrouwen had in Harischandra, sprak zelfverzekerd: “Als hij liegt en wanneer dan ook oneerlijk bevonden wordt, dan zal ik mijn haarvlecht ongekamd laten en naakt zal ik zuidwaarts weglopen, palmwijn drinkend uit een menselijke schedel.” Narada Muni vroeg toen aan Rishi Vishvamitra: “Stel dat Harischandra standvastig blijft vasthouden aan de waarheid, wat zal dan uw eed zijn?” Rishi Vishvamitra legde toen de volgende eed af: “Ik zal de helft van de hoeveelheid aan goddelijke vruchten en de glorie die ik heb verdiend in mijn leven geven aan Harischandra en ik zal hem wereldberoemd maken.”

Dit was het begin van onnoemelijke ontberingen voor koning Harischandra. Zijn beproeving begon.

Harischandra, die een liefhebbende vrouw had, een dierbare zoon, een slimme minster en trouwe onderdanen, was zich niet van de eden van Rishi Vasistha en Rishi Vishvamitra bewust. Toen Rishi Vishvamitra terug op Aarde kwam dacht hij een tijdje voorzichtig na over de manieren van Harischandra en zijn doen en laten. Hij dacht goed na over hoe hij Harischandra het best kon verleiden het pad van onwaarheid op te gaan. Waarom niet al zijn rijkdom stelen, hem ruïneren en hem in een zodanige situatie manoeuvreren dat hij gedwongen zou zijn te liegen?

Op een dag was de koning druk bezig met plezier maken en stoeien met zijn zoontje. Sommige volgelingen van Rishi Vishvamitra benaderden hem en beschreven hem de details van een bepaald ritueel. Zij overtuigden hem ervan dat hij de meest geschikte persoon was om dit ritueel uit te voeren. Een speciaal onderdeel van dit ritueel was dat een koning een onbeperkte hoeveelheid aan geschenken moest geven in de vorm van giften na het offer.

Een koning mag nooit weigeren iemand een gift te geven ongeacht de situatie op dat moment. Harischandra was goed op de hoogte van deze voorwaarde en voerde het ritueel succesvol uit. De armen en behoeftigen waren tevreden, maar Rishi Vishvamitra beneed het succes van de koning en hij ging door met zijn plan.

Hij ging nu zelf naar de koning en deze verwelkomde hem met zijn gebruikelijke vriendelijkheid en gastvrijheid. Koning Harischandra vroeg de Rishi wat hij voor hem kon betekenen en deze sprak op zijn beurt zonder gewetensbezwaren: “Ik kom mijn giften van het ritueel halen.”, en de Rishi stelde zijn eisen. Eén van zijn eisen was dat de koning zoveel geld en juwelen moest verzamelen, dat als dit opgestapeld zou worden de stapel even hoog zou zijn als een man die op de rug staat van een olifant. En deze rijkdom moest dan aan Rishi Vishvamitra gegeven worden.
Aarzelend gaf de koning toe en smeekte de Rishi deze rijkdom te accepteren. Rishi Vishvamitra was verbijsterd. Hij deed een poging de koning te demoraliseren, maar dit mislukte. Hij liet alle giften bij de koning staan en ging weg, maar zei wel dat als hij ze nodig had hij de giften zou laten halen.

In deze eerste test was Harischandra succesvol gebleken. Rishi Vishvamitra maakte zich nu grote zorgen, hoe zou hij zich aan zijn eed kunnen houden? Wat een schande als hij zou falen! Wat was erger dan dat? De roem van Harischandra snelde hem vooruit en daarom bedacht hij een ander plan: sommige mensen hebben macht omdat zij geld hebben, anderen vanwege hun positie of aanzien. De Rishi besloot de koning naar zijn hermitage te roepen en met zijn magische krachten maakte hij een aantal wilde dieren, die hij losliet in het koninkrijk.

De tirannie van de Rishi manifesteerde zich in een verschrikkelijke vorm. Dankzij de wilde dieren leek het lijden van de bevolking eindeloos. Ongedierte en insekten vielen de gewassen aan, die door de boeren waren geplant. Herten aten de groeiende plantjes op. Pauwen en andere vogels vernietigden alle maïs. Er was een groot tekort aan voedsel voor de bevolking. Ze smeekten de koning alles op orde te brengen, want tot nu toe waren ze nog nooit geplaagd door zulke tirannie en voor geen enkele vijand waren ze ooit bang geweest. Ze wisten niet wat honger en dorst was, maar de huidige situatie was verschrikkelijk. Er was geen water voor de zaden. De gewassen waren er niet meer en ook de beekjes lagen droog. De koning ging direct op jacht naar de wilde dieren. De hele dag lang volgde hij de prooien en doodde ze. Toen hij dieper het bos in ging, kwam hij een plaats tegen waar wilde dieren in harmonie met elkaar samenleefden. De koning ging door en kwam bij een hermitage. Tot zijn verbazing bleek deze van de Guruji van zijn familie te zijn, namelijk Rishi Vasishta. De rust van deze plaats luchtte de vermoeide koning ontzettend op. Hij ontmoette zijn Guru, kreeg zijn zegen en trok verder het bos in.

Dieper in het bos kwam hij een andere hermitage tegen, maar deze vormde een tegenstelling met die van zijn Guruji. Zijn vermoeidheid en onrust namen toe en toen kwam hij erachter dat Rishi Vishvamitra hier woonde. Hij was erg moe en besloot naar Rishi Vishvamitra op zoek te gaan na een tijdje gerust te hebben. Hij ging naar huis en viel in slaap.