jaloezieDe zesde van onze negen vijanden die wij tijdens Navatri proberen te overwinnen is Irsha. Irsha kunnen we vertalen als jaloezie.

Een sterke bron van ongeluk in ons aardse bestaan is jaloezie. Het is jaloezie die de oorlog tussen de Devta’s en Danavs had gestart. Het was vanwege jaloezie op zijn broer dat Dhritrashtra nooit met geluk kon leven.

Jaloezie manifesteert zich in een mens als woede/krodha of als dukh/verdriet door het goede dat een ander lijkt te hebben. Alsof dit goede een aanval is op de superioriteit van de jaloerse persoon. Dit gaat gepaard met het verlangen om te zien hoe de ander zijn geluk kwijtraakt of verliest aan deze jaloerse persoon.

Ook in de huidige maatschappij zien we jaloezie, hier in de vorm van ‘moreel relativisme’. Dit erkent het goede in een ander niet, zodat de ander ook niet als ‘beter’ gezien hoeft te worden.

Jaloezie is een onvermijdelijk gevolg van de negatieve eigenschappen trots, ijdelheid en een verdraaide zelfliefde die niet bestand is tegen een concurrent of iemand die een meerdere is.

Er is een wel verschil tussen jaloezie en verlangen. Het is iets anders om het jammer te vinden als jij iets niet hebt waar je naar verlangt. Maar het is iets heel anders om jaloers te zijn op een ander die datgene om wat voor reden dan ook wel heeft en jij dat ook wilt hebben. Het is ook iets anders om iemand anders niets te gunnen, ongeacht of jij het zelf zou willen hebben. Dat is namelijk haat.

Door een tekort aan nederigheid en de overtuiging dat je beter bent of beter verdient dan een ander, wordt je droevig als je ziet dat iemand beter is of beter krijgt dan jij vindt dat hij verdient. Jij vindt dat dat betere natuurlijk in jouw lot had moeten staan. Het is een projectie van zelfhaat dat jij niet goed genoeg bent door de prestaties van een ander. Dit projecteer je op de ander als jaloezie.

Jaloezie schaadt ons op psychisch en lichamelijk maar ook op maatschappelijk niveau:

  • Psychisch: jaloezie schaadt ons door de pijn die je kan voelen door bijvoorbeeld complimenten over een ander te horen. Of het brandt als woede wanneer een ander iets goeds overkomt. Het verstoort innerlijke rust (shanti). Het wekt haat op naar een medemens. Het laat een mens mentaal tot alle diepten zakken in zijn negatieve denken.
  • Lichamelijk: jaloezie schaadt ons lichamelijk door alle onrust en pijn die het veroorzaakt en die wij fysiek voelen. De negatieve emoties die ontstaan hebben een negatief effect op onze gezondheid en gesteldheid.
  • Maatschappelijk: wij praten negatief over een ander en handelen om een ander te schaden. Jaloezie verdeelt mensen en creëert vijandigheid. Maar het laat ook een mens tot alle diepten vallen om een ander te schaden. Jaloezie zorgt ervoor dat daya (mededogen) voor een ander kan verdwijnen, maar het zorgt er ook voor dat daan (vrijgevigheid) kan verdwijnen of veranderen in een lege handeling met als doel erkenning te krijgen.

Een mens kan zichzelf heel makkelijk in negatieve diepten laten zakken en daar vast komen te zitten door jaloezie. Het werkt isolerend waardoor je jezelf steeds meer alleen zult voelen. Het werkt eerst destructief naar anderen, maar uiteindelijk is het ook destructief naar jezelf.

Jaloezie is te bestrijden door zowel naar binnen als naar buiten toe tegelijk actie te ondernemen. De innerlijke overwinning van jaloezie is om dankbaarheid te ontwikkelen door te herkennen en erkennen wat je als mens al hebt in je eigen leven. Wat je hebt bereikt en wat je hebt gehad van vrienden, familie en van Bhagvaan. Dit wordt Santosh (acceptatie) genoemd. Als je niet kan houden van jezelf, hoe je bent met wat je hebt dan maak je de deuren in jouw hart voor jaloezie open.

Naar buiten toe bestrijden wij jaloezie door oprechte vrijgevigheid te ontwikkelen. Door een ander wat te gunnen en oprecht te geven trainen wij onszelf om jaloers zijn op een ander te bestrijden.