De held, die ontsnapte uit handen van de mohammedaanse keizer. Hij werd heerser van een koninkrijk gestuurd door Dharm en hij diende het volk. Eén van de grootste heersers en één van de beste generaals.

In die tijd bestond het noorden van India (Bharat) uit: het noorden van het huidige India, Bangladesh, Afghanistan, Pakistan, een gedeelte van Iran, Tajikistan en Turkmenistan. Deze delen van India werden veroverd en geplunderd door de toenmalige mohammedanen en werden verdeeld
onder de sultans. Dankzij de held Shivaji kwamen grote delen land weer terug in handen van de Hindu’/s.

Shivaji werd geboren in het fort Shivneri in 1630. Zijn vader heette Shahaji en zijn moeder Jijabai. Hij had een oudere broer Sambhaji. Shahaji, Shivaji’/s vader, moest onder een sultan zijn eigen dorpen regeren. Dat was het lot van weinig
leiders, die de aanvallen van de sultans overleefd hadden. De leiders moesten uiteindelijk iedere opdracht van de sultan uitvoeren, anders werden
hun volk en familie geheel uitgeroeid.

Shivaji was van jongs af aan al heldhaftig en Dharmisch (leven volgens Dharm). Zijn moeder vertelde hem vaak verhalen over de Mahabharat, de Ramayan en de Purans. Luisterend naar deze verhalen raakte hij steeds meer gefascineerd door
Shri Ram, Shri Krishna, Bhim en Arjun. Zijn Guru was Dadaji Kondadev. Hij inspireerde hem met voorbeelden uit het verleden over de geweldige
koningen van Vijayanagara in Karnataka. Zijn vader wist dat hij heel Dharmisch was en dat hij nooit zou buigen voor de sultan. Daarom stuurde zijn vader hem op zijn 14e naar Poona waar hij kon regeren over een klein aantal dorpen.

Hij was geboren in een fort en vreemd genoeg zou zijn vrije koninkrijk gebouwd worden met behulp van forten. Zijn inspiratie haalde hij uit het gezegde uit de Mahabharat: “Duizend ruiters met één geest zijn voldoende om de gehele wereld te veroveren.” Op zijn 16e veroverde hij een fort, het fort Toranagadh. De vlag van vrijheid werd gehesen. Hij gaf de opdracht om het fort te versterken. Vanuit dit fort zou de oorlog voor vrijheid gevochten worden. Bij het graven vond
men schatten. Kon dit een teken zijn van Bhagvaan om de vrijheid te steunen? De arme werkers die de schatten vonden, werden niet beïnvloed door hebzucht. Ze overhandigden alles aan Shivaji. Zij wisten dat deze rijkdom hun zou helpen bij het bevrijden van hun land.

Na Toranagadh begon Shivaji steeds meer forten te veroveren met zijn groep van jongens die fysiek veel kleiner waren dan de Pathans, Moghuls en Afrikaanse mohammedanen en toch wonnen zij strijd na strijd. De sultan van Bijapur kreeg
meldingen binnen dat steeds meer forten in handen van Shivaji terecht kwamen. Hij bedacht een sluw plan om Shivaji te vernietigen. Hij liet Shahaji, de vader van Shivaji, ontvoeren en gevangennemen en liet het bericht rondgaan dat Shahaji gemarteld en geëxecuteerd zou worden.

Dit nieuws was een grote schok voor Shivaji, die juist vol vreugde was door de overwinningen van zijn vrijheidscampagne. Zijn moeder Jijabai kon
haar emoties niet onderdrukken. Het was alsof Yamraj (de bode van de dood) haar mangalya (symbool van levenslange partnerschap met uw partner) zou afpakken. Gezamenlijk met dit slechte nieuws kwam ook een bericht dat Fateh Khan de Sardar (generaal) van Bijapur met een groot leger naar Shivaji trok en
dat Farrad Khan, een andere generaal, het fort van zijn broer Shambhaji zou aanvallen. Het was duidelijk dat de sultan Shivaji onder pressie probeerde te
zetten.

Shivaji was radeloos. Hij was op die leeftijd al getrouwd met zijn geliefde. Zij was 14 jaar en heette Sayibai. Zij zei tegen hem: “Waarom ben je zo bezorgd over

dit alles? Zorg er gewoon voor dat je vader gered wordt. Zorg ervoor dat je het land bevrijdt. Vernietig je vijanden.” Hij moest gewoon doen wat zijn Dharm hem bevolen had. Zij was een waardige vrouw voor deze held.

De commandant van Purandaragadh, die werkte voor de sultan van Bijapur, werd door vriendelijkheid overtuigd en geloofde in de vrijheidsbeweging. Shivaji stationeerde een klein leger daar. Fateh Khan werd aangevallen toen hij het fort bereikte. De soldaten van Shivaji vochten zo heldhaftig dat Fateh Khan moest vluchten met zijn overgebleven troepen. Sambhaji had genoeg versterking gekregen om Farrad Khan te verslaan.

Deze overwinningen vonden achter elkaar plaats. Maar hoe moest hij zijn vader redden? Hij kwam plotseling op een idee. Hij gebruikte zijn verstand. Shah Jehan was de sultan van Delhi. Shivaji wist dat de sultans van Bijapur en Delhi rivalen waren en uit waren op macht. Hij schreef een brief naar Shah Jehan: “Mijn vader wordt gevangen gehouden door de Sultan van Bijapur. Wanneer hij bevrijd is
zullen hij en ik blij zijn u te dienen.” Hij zorgde er ook voor dat de sultan van Bijapur dit hoorde. Hij wist dat Shah Jehan wachtte op een kans om hem aan te vallen. Om dit te vermijden liet hij met een eervolle vrijlating Shahaji vrij. Door moed en intelligentie overwon Shivaji zijn eerste grote obstakel op zijn weg naar vrijheid.

In 1658 toen Shivaji 28 werd hadden Kondana, Purandara, Kalyan, Raigadh en 40 anderen forten de vlag van vrijheid in hun mast. Het was ook het jaar waarin de Engelsen, de Portugezen en andere Europese buitenlanders het land begonnen binnen te dringen via de westelijke oevers van India. Shivaji vertrouwde het niet en wist zeker dat deze mensen op een dag het land zouden plunderen zoals de mohammedanen hadden gedaan. Hij was namelijk op de hoogte van hun oneerlijke manier van handel drijven, steekpenningen, religieuze fanatisme en hun bemoeienis in de Indiase politiek met het oog op heerschappij. Shivaji was

waarschijnlijk de eerste leider die inzag dat de Europeanen het land wilden veroveren onder het mom van handel drijven en handelde daartegen.
Omdat de mohammedanen echter een grotere dreiging vormden, vermeed hij de confrontatie met de Europeanen. Daarnaast waren zij goed bewapend met kanonnen dus kon Shivaji het niet riskeren dat zij aan de kant van de mohammedanen zouden vechten.

Om het land te verdedigen tegen de buitenlanders liet hij forten bouwen bij de westelijke oevers. Zijn legers werden uitgebreid met oorlogsschepen en zijn
soldaten werden getraind tot mariniers. Hij was de eerste Indiase leider die inzag hoe belangrijk het was mariniers te hebben en liet honderden schepen

bouwen, zowel klein als groot. Deze schepen waren bemand door verschillende groepen zoals Koli’/s, Bhandari’/s en mohammedanen die allemaal vochten tegen Britten, Portugezen, Nederlanders en Ethiopiërs.

In 1661 namen Shivaji’/s soldaten enkele Engelsen gevangen die de sultan van Bijapur hielden door hem ammunitie te bezorgen. Daarnaast was Shivaji op de

hoogte van de onderlinge jaloezie van de Europeanen en gebruikte de Portugezen om tegen de Engelsen te vechten en de Engelsen om tegen de Nederlanders te vechten. Elke keer opnieuw wanneer Shivaji zegevierde over een Europees land werd een ander Europees land blij en beloonde Shivaji rijkelijk.

Wordt vervolgd…..